• Home
  • Vragen SGP-fractie inzake verg ...


Alle dossiers

Vragen SGP-fractie inzake vergunning Elsrock

Datum: 11-02-2009

 

Voorzitter,

Wij hebben gevraagd om behandeling van de brief van de heren Haazebroek en ter Harmsel, mede ondertekend door veel mensen werkzaam in het reformatorisch onderwijs in Rijssen, zo te zien zowel het basisonderwijs als het voortgezet onderwijs. Wij hebben ook het antwoord van de burgemeester gelezen.

Voorzitter, dat wij het betreuren dat elk jaar opnieuw initiatieven genomen worden om te komen tot het bewuste rockfestival in Rijssen is bekend. Muziek die helse klanken nabootst, vaak door bands met zeer schokkende tot God onterende namen toe, staat lijnrecht tegen God en Zijn Woord. Wij willen het college en de raad nogmaals oproepen om dit in ogenschouw te nemen. Ook willen wij u oproepen om rekening te houden met onze inwoners die dit ter harte nemen en hier serieus naar wensen te leven.

Voorzitter, wij hebben de briefwisseling gelezen en hebben een paar vragen:
1. U geeft in uw beantwoording aan dat het punt “voorkomen of beperken van overlast” geen weigeringsgrond voor u was om de vergunning aan Elsrock te weigeren. Aangezien het Elsrockfestival van 2008 nagenoeg in heel Rijssen luid en duidelijk te horen was lijkt het mij nu wel een reden te zijn om een vergunning te weigeren. In sommige delen van Rijssen is men zelfs genoodzaakt geweest om op deze bewuste zomeravond binnen te moeten blijven om zich niet te hoeven storen en te ergeren.
2. U geeft in uw reactie aan dat u zoveel mogelijk rekening houdt met de waarden en normen in onze gemeente. U weet met ons dat Rijssen een overwegend christelijk karakter heeft. Dat het overgrote deel van Rijssen christelijk is en daar naar wenst te leven. Dat er maar een zeer beperkte groep rijssenaren de Elsrock bezoekt en hiervoor belangstelling heeft, waardoor een zeer beperkte groep een zware claim legt op een hele grote groep. Hoe kijkt u naar deze verhouding?
3. Terecht geven de briefschrijvers aan dat zij verbaasd zijn over het feit dat het uiten van godslasterlijke taal een criterium was waarvan het wel of niet doorgaan van dit concert afhing. Volgens de briefschrijvers werd er een nummer ten gehore gebracht onder de naam “The heaven shall burn”. Vertaald in het nederlands “De hemel zal branden” U geeft daar geen reactie op in uw antwoordbrief. Daarom ben ik benieuwd of u met ons van mening bent dat dit tegen de afspraken in is. Het is zeer opvallend dat veel namen van optredende bands en nummers die zij laten horen zo nodig godslaterlijk moeten zijn. Dat moet te denken zetten.
4. Ik las in het blad Binnenlands Bestuur van 6 februari dat de duitse rockband Sodom op het programma staat. De burgemeester gaf in dat interview aan dat hij daarvan al op de hoogte is. Zijn reactie schokte mij. Ik las: “Ja, daar ben ik van op de hoogte. Die naam is niet aantrekkelijk voor veel Rijssenaren, maar moet je louter en alleen op de naam afgaan? Ik heb wel naar liedjes geluisterd maar je verstaat nauwelijks in welke taal ze zingen, laat staan wat ze zeggen. Ik schat in dat de vergunning er weer komt, maar we gaan dit jaar wel voor het eerst het geluidsniveau meten”, tot zover het interview. Burgemeester, ik trek hieruit de conclusie dat het geluidsniveau voor u belangrijker is dan namen van bands en hetgeen ze ten gehore brengen, ook al ervaart christelijk Rijssen het als godslasterlijk.

Voorzitter, wij zijn benieuwd naar de beantwoording van deze vragen.

 

 

Terug naar het overzicht